Het metaalpoeder wordt gemengd met een vloeibaar en een vast bindmiddel.
Dit mengsel dat vloeibaar is bij kamertemperatuur wordt vervolgens in de matrijs gespoten waarvan de afdruk dient gemaakt te worden, rekening houdend met de reduktie-coefficient. De matrijs wordt dan afgekoeld om het werkstuk te laten stollen.

Door een sublimatiecyclus wordt vervolgens het vloeibaar bindmiddel verwijderd.

De verwijdering van het vaste bindmiddel gebeurt via thermische weg.
Na deze bewerking ziet het werkstuk er uit als een spons.

De laatste faze is de verdichting van het werkstuk: een reductie van 20% geeft het werkstuk zijn finale afmetingen binnen de afgesproken marges. De dichtheid is van de grootte-orde van 98%.